THEORIE KUNSTZWEEFVLIEGEN

Dit hele onderdeel AEROBATIC is met toestemming overgenomen van https://www.segelfliegengrundausbildung.de/index.php/theorie-aerobatic/1-rechtliche-vorgaben

Het is vertaald en aangepast aan de Nederlandse situatie door de Commissie Kunstzweefvliegen

Alle foto's, tekeningen en uittreksels kunnen worden vergroot door erop te klikken,

Secretaris:
Sape Miedema
Boterbloem 32
6721RC Bennekom
T: 0318-418823
E: scmiedema(at)gmail.com

Theorie Aerobatic

Beste zweefvliegers die geïnteresseerd zijn in zweefvliegen, welkom op onze website "Theorie Aerobatics".

SKF Einleitung 1100 

Met dank aan Steffen Engel, Eugen Schaal, Tommy Brückelt, SFCO Walldürn.

Kunstzweefvliegen ...

  • is erg leuk
  • is duur...
  • is de beheersing van alle vlieghoudingen en situaties
  • belast het materiaal onnodig ...
  • is de specifieke beheersing van alle ongewone vluchtomstandigheden
  • buigt de pennen en veroudert de zweefvliegtuigen ...
  • bevordert de vliegveiligheid
  • is een zinloze verspilling van eerlijk verdiende hoogte ...
  • en ... en ... en ...

Deze uitspraken worden keer op keer gehoord onder zweefvliegers over kunstzweefvliegen. Het enige wat hierover gezegd kan worden is:

  • Zolang ik mijn zweefvliegtuig bedien binnen de toegestane gebruikslimieten, is dat prima.
  • De eigenaar van het zweefvliegtuig bepaalt wat er met "zijn" zweefvliegtuig gedaan mag worden.

Als een eigenaar van een klassieke auto bepaalt dat er met zijn 70 jaar oude "racewagen" niet sneller dan 30 km per uur mag worden gereden, moet dit worden geaccepteerd.

Hetzelfde geldt voor eventuele bepalingen van het bestuur van een club dat bijvoorbeeld geen overlandvluchten van meer dan 100 km, noch vluchten op grote hoogte in golfstijgwind, bergzweefvliegen of aerobatics mogen worden uitgevoerd met "haar clubvliegtuigen".

Wie dergelijke uitspraken niet wil accepteren, moet ofwel zijn club overtuigen, van bestuur veranderen of een eigen zweefvliegtuig kopen.

De ervaren zweefvlieginstructeur Rudi Matthes†, die betrokken was bij de aerobatic tests van de ASK 21 in 1979 en de basis legde voor het aerobatics gedeelte van het bijbehorende vlieghandboek, legde mij lang, lang geleden uit:

  • "Weet je, de "normale zweefvlieger" beweegt zijn zweefvliegtuig rond de drie assen van zijn zweefvliegtuig, namelijk rond de lengteas tot ca. 60° hellingshoek naar links en rechts, rond de dwarsas ca. 45° naar boven tijdens de pull-up of lierstart en tot ca. 45° naar beneden tijdens de recovery en rond de verticale as ca. 30° naar links of rechts tijdens een slip of zelfs 360° naar links en rechts tijdens een spin, als hij dat durft.
  • De kunstzweefvlieger beweegt zijn zweefvliegtuig rond de lengteas, namelijk 360° naar links en 360° naar rechts tijdens een rol, rond de dwarsas 360° op en neer tijdens een positieve of negatieve looping en 180° rond de verticale as naar links en rechts tijdens een bocht of 360° in beide richtingen tijdens rotatiemanoeuvres.

Wie heeft volgens jou het betere overzicht in de ruimte en kan hem in alle mogelijke posities besturen?"

Voor mij was deze uitspraak de beslissende factor om kunstzweefvliegen te leren en mij tot op de dag van vandaag vrijwillig aan kunstzweefvliegen te wijden.

Deze website behandelt alleen de theoretische kant van kunstzweefvliegen en moet helpen om de opleiding in kunstzweefvliegen binnen de DTO's van de KNVvL en binnen de zweefvliegclus  te ondersteunen.

Het is zeker zinvol als je de artikelen die op deze website worden aangeboden bekijkt voordat je aan je kunstzweefvliegopleiding begint. In Nederland zijn er conform de EASA-richtlijnen twee bevoegdverklaringen, ook wel ¨privileges¨ genoemd, voor het legaal beoefenen van kunstzweefvliegen. Deze zijn:

  • Aerobatic, positive G manoeuvres only (Basic aerobatic privileges). Deze worden in de volgende hoofdstukken ook gewoon "Basic" genoemd.
  • Advanced aerobatic privileges. Deze worden ook gewoon "Advanced" genoemd.

Ook "niet-aerobatic vliegers" worden uitgenodigd om deze speciale pagina's te bezoeken, er komen enkele interessante zaken voor verdere educatie, ook voor "normale zweefvliegers", aan bod.

Op dit punt wil ik alle zweefvliegers en zweefvlieginstructeurs bedanken die mij vrijwillig hebben geholpen met technische bijdragen, trainingsmateriaal, advies en actie. En niet te vergeten verdere steun van de autoriteiten, zweefvliegtuigfabrikanten, luchtvaarttechnische bedrijven en de "Fördervereine für Segelkunstflug". Zonder hen zouden de volgende hoofdstukken en paragrafen niet bestaan.

Anekdotes, opmerkingen en bijdragen die passen bij de respectieve onderwerpen zijn in paars cursief geschreven, links zijn blauw gemarkeerd en onderstreept, beeldteksten zijn groen cursief en de gebruikte bronnen en literatuur staan in bruin onderaan de respectieve hoofdstukken. In groene "acroboxen" hebben we in sommige hoofdstukken extra kennis toegevoegd voor wie geïnteresseerd en nieuwsgierig is. 

Veel plezier met de website "Theorie Aerobatics".

Schorsch Dörder

Technisch medewerker zweefvliegen

DAeC Afdeling Opleiding en Licenties

 

Gender verklaring:

Voor een betere leesbaarheid worden in deze opleiding kunstzweefvliegen, persoonlijke termen die zowel naar mannen als naar vrouwen verwijzen over het algemeen in de mannelijke vorm gebruikt, bijv. "zweefvliegers" in plaats van "mannelijke en vrouwelijke zweefvliegers". Dit is echter geenszins bedoeld als uiting van discriminatie op grond van geslacht of als schending van het gelijkheidsbeginsel.

 

Theorie  kunstzweefvliegen

Hoe ziet de kunstzweefvliegopleiding in Nederland eruit? De bais is de EU-Verordening 2020/358 van 4 maart 2020 met daarin veranderingen van EU-verordening 2018/1976 met betrekking tot bewijzen van bevoegdheid als zweefvlieger zoals beschreven in "SFCL.200 Aerobatic privileges.

Als je geïnteresseerd bent in een opleiding in kunstzweefvliegen, moet je vooraf de volgende eisen controleren:

  • Naast een geldig zweefvliegbrevet (SPL) met de privilege aerotow en een geldig medical, moet je lichamelijk fit zijn, aangezien er tijdens de aerobatics ongewone fysieke belasting zal optreden.
  • Ben je ouder dan 45 jaar, dan is het raadzaam uw een luchtvaartarts te raadplegen.
  • Je vliegervaring moet wettelijk ten minste 30 uur of 120 starts als PIC bedragen na het behalen van je SPL-brevet.

Veel opleidingsorganisaties (DTO's) eisen echter meer vliegervaring, bijvoorbeeld minimaal 100 vlieguren, in ieder geval voor de "Advanced Training". Dit is al vele jaren bewezen. Aerobatic zweefvliegen vereist een hoge mate van concentratie en daarom moeten zaken als een sleepstart naar 1000 m AGL of hoger, luchtruimobservatie, radiotelefonie, het vliegen van het vliegveldcircuit en landen bijna automatisch worden uitgevoerd en dit kan alleen met ruime ervaring.

De kunstzweefvliegopleiding wordt uitgevoerd als opleiding binnen een DTO. De richtlijnen zijn het door ILT goedgekeurde  trainingsprogramma van de KNVvL-Afdeling Zweefvliegen. Zie: SPL- Aerobatics trainingsprogramma ILT 2020-41280. 

De opleiding voor kunstzweefvliegen omvat, in overeenstemming met EASA, een passend deel theoretische instructie voor de aerobatiic bevoegdheden. In de methode voor de opleiding voor kunstzweefvliegtuigen in de Nederland zijn de volgende theorie-eisen opgenomen:

  • voor basisbevoegdheden ten minste 3 uur en
  • voor gevorderde bevoegdheden ten minste 5 uur theorieopleiding.
  • Indien bij de opleiding touring motorzwevers (TMG's) worden gebruikt, moet ook het vereiste motormanagement (ca. 30 minuten) worden aangeleerd.
De wetgeving bepaalt:
Theoretische training wordt uiteengezet in overeenstemming met SFCL.200 en bijbehorende AMC's en omvat:
  •   Menselijke prestaties en fysieke beperkingen
  •   Technische onderwerpen
  •   Gebruiksbeperkingen van de relevante luchtvaartuigcategorie (en type)
  •   Aerobatische manoeuvres en herstelprocedures
  •   Noodprocedures

Daarnaast is er de praktische training met de vliegmanoeuvres en aerobatic manoeuvres, training in tweezitters en eenzitters, het vliegen van coherente kunstzweefvliegprogramma's en het behalen van het respectievelijke aerobatic brevet.

De theorie voor kunstzweefvliegen is onderverdeeld in de volgende hoofdstukken:
  1. Wettelijke voorschriften
  2. Menselijke prestaties en lichamelijke beperkingen
  3. Beginselen van de aerodynamica bij aerobatics
  4. Gebruikslimieten
  5. Beschrijving van de aerobatic oefeningen
  6. Tweezitters voor het kunstzweefvliegen
  7. Eenzitters voor het kunstzweefvliegen

De onderwerpen aerobatische manoeuvres, noodprocedures en motorbeheer worden op deze website bewust niet behandeld; ze worden altijd onderwezen en geoefend in samenhang met de praktische aerobatic-training.

 

SKF Zitat Schorsch Dörder

 

Hoewel alles hier om de theorie draait, mag de belangrijkste tip voor de praktijk in het begin niet ontbreken. Als je denkt dat er iets mis is, of het lijkt je vreemd, pas dan onmiddellijk de standaard noodprocedure in aerobatics toe:

Herstel onmiddellijk de normale vliegstand, dan zien we wel verder.

Veel plezier bij het leren van de theoretische vereisten voor de basis en gevorderde zweefvliegbevoegdheden. (Basic en Advanced).

 

xxx